In China’s 15e Vijfjarenplan (2026-2030) verschuift de focus van traditionele industriële automatisering naar hoogwaardige, intelligente robotica. Geïntegreerd met kunstmatige intelligentie uiteraard. Dat zegt Takayuki Ito, president van de International Federation of Robotics (IFR).

Het 15e Vijfjarenplan fungeert als primair kaderdocument dat de koers bepaalt voor alle overheidsbeleid. Duizenden ondergeschikte sector- en regionale plannen moeten nu op deze doelstellingen worden afgestemd. De stap is volgens de IFR een logisch vervolg op het automatiseringstraject dat China heeft afgelegd. De maakindustrie heeft een operationeel robotpark van ongeveer 2 miljoen stuks — ongeveer 4,5 keer meer dan de mondiale nummer 2, Japan. Van alle industriële robots die wereldwijd jaarlijks worden geïnstalleerd, belandt 54 procent in China.
Humanoïde als uithangbord
China’s nieuwe blauwdruk ziet de grootste waarde van AI in de toepassing ervan in bedrijfsleven en industrie. Om zijn competenties en mondiale concurrentiepositie in embodied intelligence te etaleren, zet het land humanoïde robots in als visitekaartje. Maar de dansende en rennende humanoïden zijn geen maat voor de daadwerkelijke mogelijkheden in een echte productieomgevingen. Daar is vooralsnog alleen nog sprake van demonstrators en pilots. Opvallend is volgens IFR bovendien dat humanoïde-platforms en embodied AI niet per se gelijktijdig en door dezelfde spelers worden ontwikkeld.
Humanoïden versus industriële robots
Een vergelijking met traditionele industriële robots legt de fundamentele beperkingen van humanoid robots bloot. Critici wijzen op de ‘form follows function’-regel: het menselijk lichaam is nu eenmaal niet optimaal geschikt voor alle taken. Traditionele industriële robots hebben doorgaans minder gewrichten, afgestemd op een specifieke toepassing. Dit resulteert in eenvoudigere regelsystemen die sneller en betrouwbaarder zijn dan bij humanoïden. In industriële productieomgevingen zijn taken repetitief en wordt millimeternauwkeurigheid bij hoge snelheden vereist. Industriële robots excelleren daarin.
Humanoïde robots bieden een meer generieke benadering — mobiliteit gecombineerd met mensachtige interactie. Massatoepassing als universele fabriekshulpjes of in particuliere huishoudens is echter op korte tot middellange termijn niet realistisch. Het 15e Vijfjarenplan voorziet de commercialisering van humanoïde robots pas tegen het einde van de planperiode. Brede toepassing van AI in combinatie met traditionele industriële robotica wordt verwacht binnen vijf tot tien jaar.
Groeiend marktaandeel lokale leveranciers
China’s enorme binnenlandse markt biedt gigantisch potentieel voor de uitvoering van het Vijfjarenplan. Het aandeel van lokale leveranciers in de binnenlandse installaties van industriële robots steeg van 30 procent in 2020 naar 57 procent in 2024. In de mondiale elektronica-industrie staat 64 procent van alle industriële robots in China — en Chinese fabrikanten leveren 59 procent van die robots. In de metaal en machinebouw hebben Chinese robotleveranciers zelfs een binnenlands marktaandeel van 85 procent.
De IFR-cijfers onderstrepen dat China’s roboticasector niet alleen groeit, maar ook steeds meer zelfvoorzienend wordt. Dat heeft directe implicaties voor westerse leveranciers en machinebouwers die de Chinese markt bedienen of er mee concurreren.






